
Dwergkonijn: rassen, grootte en wat een klein konijn nodig heeft
Kort gezegd
Een dwergkonijn is een konijn van een dwergras. Het LICG rekent alle konijnen tot 1,7 kilo tot de dwergkonijnen, met de kleurdwerg en de Nederlandse hangoordwerg als bekendste voorbeelden. Kleurdwerg en Pool (in het Duits Hermelin, vandaar „hermelijn”) wegen volgens de KLN-speciaalclub 800 tot 1.350 gram, met oortjes van 4 tot 6 centimeter. Klein betekent niet makkelijk: door de ronde kop hebben dwergen vaker erfelijke tandproblemen, ze zijn vaak feller en schichtiger dan grote rassen, en je houdt ze altijd met z'n tweeën. Voor twee dwergkonijnen adviseert het LICG sinds september 2026 een losloopruimte van 280 bij 200 centimeter. Hooi is het hoofdvoer, biks hooguit 20 gram per kilo lichaamsgewicht. Met goede zorg wordt een konijn acht tot tien jaar, soms ouder.
Snelle antwoorden
Wat is een dwergkonijn? Dwerg als formaat en als ras
In de dierenwinkel is een dwergkonijn vaak gewoon een klein konijn; in de fokkerij is het een ras met vastgelegd gewicht en uiterlijk. Een „dwergje” uit een nest zonder bekende ouders kan later gewoon middelgroot worden.
Het Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren (LICG) deelt konijnenrassen in vier gewichtsklassen in. Van de ongeveer vijftig rassen die het LICG noemt, vallen de lichtste in de dwergklasse:
| Klasse (LICG) | Gewicht | Voorbeelden |
|---|---|---|
| Dwergkonijn | tot 1,7 kg | kleurdwerg, Nederlandse hangoordwerg |
| Klein konijn | 1,7 tot 3 kg | veel rasloze konijnen uit winkel en asiel |
| Middelgroot konijn | 3 tot 5 kg | ook veel rasloze konijnen |
| Groot konijn | 5 kg en zwaarder | Franse hangoor, Vlaamse reus (tot wel 8 kg) |
Kleindier Liefhebbers Nederland (KLN), de bond waarbij de rasverenigingen zijn aangesloten, schrijft dat de dwergrassen „rond één kilo wegen” en dat in deze groep de populairste rassen van dit moment zitten, zoals de Nederlandse Hangoordwerg, de Kleurdwerg en de Pool.
De dwergfactor: waarom een dwergnest niet alleen dwergen geeft
Echte dwergen zijn klein door een erfelijke dwergfactor. Volgens het LICG zorgt die factor voor „een klein formaat, een bolle kop en korte oren”. Kruis je twee dwergen, dan is gemiddeld de helft van de jongen een dwerg, een kwart groter dan een dwerg (een „valse dwerg”) en een kwart zo klein dat ze niet levensvatbaar zijn en binnen enkele dagen sterven. Het LICG noemt dit bij kleurdwergen en Pooltjes. Twee dwergouders zijn dus geen garantie voor een dwergkonijntje, en fokken met dwergen is niets om „even te proberen”.
Dwergkonijnrassen in de Nederlandse standaard
Welke rassen officieel bestaan, staat in de Standaard voor Konijnen van KLN. De volledige beschrijvingen staan in een betaalde digitale versie, maar de inhoudsopgave is openbaar. Daarin staan deze dwergrassen: Angora Hangoordwerg, Rex Hangoordwerg, Leeuwenkopdwerg, Angoradwerg, Lotharingerdwerg, Papillondwerg, Nederlandse Hangoordwerg, Rexdwerg, Teddydwerg, Vosdwerg, Polish (Haasdwerg), Kleurdwerg, Pool Roodoog en Pool Blauwoog.
Voor de bekendste dwergen publiceert de Nationale Polen- en Kleurdwergenclub (NPKC), volgens eigen zeggen de grootste bij KLN aangesloten speciaalclub, de rasbeschrijving met gewicht en oorlengte. Daaruit komt deze vergelijking:
| Ras (KLN-standaard) | Zo herken je het | Gewicht | Vacht en verzorging | Let op |
|---|---|---|---|---|
| Kleurdwerg | Bolvormige kop, breed voorhoofd, oren 4–6 cm, geblokt lijf met „zeer korte hals” | 800–1.350 g (NPKC) | Iets korter dan normaal, dicht; borstelen in de rui | Kaakstand en tanden laten controleren |
| Pool Roodoog en Pool Blauwoog („hermelijn”) | Helder wit, rode of lichtblauwe ogen, oren 4–6 cm | 800–1.350 g (NPKC) | Kort en dicht, rijk aan onderhaar | Epilepsie komt af en toe voor bij de Blauwoog Pool (LICG) |
| Polish (Haasdwerg) | Eivormige kop, lichtgebogen neusbeen, oren 5–7 cm | 800–1.150 g (NPKC) | Kort, zacht en glanzend | Type „enigszins kort” (typegroep E); de kleurdwerg is „geblokt” (typegroep D) |
| Nederlandse Hangoordwerg | Hangende oren, ronde kop | Dwergklasse, tot 1,7 kg (LICG); exacte norm in de KLN-standaard | Kort; vooral in de rui borstelen | Meer kans op oorontsteking en gebitsproblemen |
| Teddydwerg | Lange, pluizige vacht | Dwergklasse (LICG); norm in de KLN-standaard | Minstens om de dag voorzichtig kammen (LICG) | Vervilting, vieze achterkant, madenziekte |
| Leeuwenkopdwerg | Lange haren rond de kop | Dwergklasse; norm in de KLN-standaard | Langharige delen minstens wekelijks borstelen (LICG-advies voor langharige konijnen) | Klitten onder de kin, op borst en buik |
| Angoradwerg en Angora Hangoordwerg | Wolvacht | Norm in de KLN-standaard | Regelmatig borstelen; angora volgens het LICG minstens elke drie maanden knippen | Zie onze gids over angorakonijnen |
Hermelijn, minilop en dwerghangoor: namen uit advertenties
Hermelin is de Duitse naam voor het witte dwergras dat in Nederland officieel Pool heet. De vernederlandste vorm hermelijn wordt ook gebruikt. Een „dwerghangoor” of „minilop” staat niet als zodanig in de KLN-standaard; de Nederlandse rasnaam is Nederlandse Hangoordwerg. Vraag bij zo'n advertentie dus altijd welk ras er bedoeld wordt, en hoe zwaar de ouders zijn.
Zocht je een dwerghamster? Dat is een knaagdier met heel andere behoeften; zie onze gids over de Chinese dwerghamster.

Hoe groot wordt een dwergkonijn?
Een volwassen dwergkonijn weegt grofweg tussen 0,8 en 1,7 kilo, afhankelijk van het ras. De showstandaarden van de NPKC zijn strenger dan die bovengrens: een kleurdwerg weegt 800 tot 1.350 gram en krijgt de meeste punten voor het gewicht tussen 1.000 en 1.300 gram. Een Polish mag maximaal 1.150 gram wegen. Het LICG zet het verschil in perspectief: „Een dwergkonijntje dat anderhalve kilo zwaar wordt is heel iets anders dan een flinke Vlaamse reus die wel acht kilo kan wegen.”
Wordt dit jonge konijntje echt een dwerg?
Bij een jong konijn is dat lastig te zien. Het LICG waarschuwt dat konijntjes soms als dwerg worden verkocht „terwijl ze een forse middenmaat worden”, en dat het kleinste konijntje in de winkel soms gewoon het jongste is. Deze punten helpen:
- Oren: echte dwergjes hebben relatief korte oortjes; hoe langer de oren, hoe groter het konijn meestal wordt.
- Kop: dwergkonijnen houden ook als volwassene een ronde kop. Bij de meeste andere rassen wordt de kop spitser naarmate ze ouder worden.
- Ouders: vraag naar het ras en het gewicht van beide ouders, en kijk of je ze kunt zien.
- Leeftijd: vraag hoe oud het konijntje is. Het LICG heeft een fotoschema van jonge konijnen waarmee je leeftijd en eindformaat kunt inschatten.
- Volwassen dier: wil je zekerheid over formaat en karakter, kies dan een volwassen konijn uit de opvang. Dat heeft zijn eindgewicht al bereikt.
Kleine kop, grote gevolgen: tanden en andere erfelijke risico's
Konijnentanden en -kiezen groeien hun hele leven door en slijten af door het kauwen. Dat werkt alleen als ze goed op elkaar staan, en bij dwergkonijnen gaat dat vaker mis. Het LICG schrijft: „Vooral bij dwergkonijnen, waarbij gefokt is op een rond hoofd, komt een kaakstand voor waarbij de ondertanden voor de boventanden uit steken, de zogenaamde olifantstanden.” In het overzicht van erfelijke aandoeningen staat dat olifantstanden bij verschillende rassen voorkomen, maar „relatief vaak bij dwergrassen”, soms doordat de onderkaak te lang is ten opzichte van de bovenkaak. Zonder behandeling sterft het dier.
Ook uit de fokkerij zelf komt dit signaal. In een onderzoek naar gezelschapskonijnen in Nederland, waarvan het LICG in 2018 de samenvatting publiceerde, noemde één op de zes hobbyfokkers afwijkingen aan de tanden als een van de meest geziene gezondheidsproblemen. Omdat de voeding bij die fokkers op orde leek, werd volgens de onderzoekers „een genetische basis, door het fokken op kortschedelige rassen, aannemelijker”.
Signalen van gebitsproblemen
Het LICG noemt deze signalen. Zie je er één of meer, ga dan naar de dierenarts:
- minder, moeilijker of helemaal niet eten, en gewichtsverlies;
- kwijlen of natte ogen;
- een bult rond de kaken of een uitpuilend oog;
- uitstekende tanden of tanden met dwarsribbels;
- een slecht verzorgde vacht;
- bij slecht eten vaak ook kleinere keutels.
De dierenarts kan tanden en kiezen bijslijpen, vaak onder narcose. Laat te lange tanden niet knippen: dat geeft beschadigingen en nog meer problemen. Tanden die steeds weer te lang worden omdat ze scheef staan, kunnen volgens het LICG beter getrokken worden. Kies een dierenarts met ervaring in het konijnengebit. Behandelingen kunnen terugkomen, dus denk vooraf na over een buffer of een huisdierenverzekering die konijnen accepteert.
Andere aandoeningen die bij dwergen bekend zijn
- Geboorteproblemen: bij kleine dwergkonijnen kan het bekken van het vrouwtje te klein zijn voor de jongen (LICG).
- Epilepsie: komt af en toe voor bij witte konijnen met blauwe ogen, onder andere de Blauwoog Pool (LICG).
- Oren bij hangoordwergen: hangoorkonijnen hebben vaak een vernauwde gehoorgang en meer kans op oorontsteking (LICG). In een kleine studie bij dertig opvangkonijnen hadden de hangoren vaker oorproblemen én vaker afwijkingen aan snijtanden en kiezen dan konijnen met staande oren (Johnson en Burn, 2019).
- Splay leg: een afwijking waarbij de poten het gewicht niet goed kunnen dragen en naar buiten draaien; soms erfelijk, soms een ontwikkelingsfout.
Hoeveel ruimte hebben twee dwergkonijnen nodig?
Dat een dwergkonijn klein is, betekent niet dat een klein hok volstaat. Het LICG heeft de Huisdierenbijsluiter Konijn in september 2026 flink herzien, met nieuwe maattabellen. Het uitgangspunt: konijnen moeten kunnen rennen, springen, op hun achterpoten staan en afstand van elkaar nemen. Volgens het LICG zijn kleinere rassen in het algemeen ook actiever dan de grote. Alle maten gelden voor twee konijnen; houd je er om een speciale reden maar één, dan blijft de aanbevolen maat hetzelfde.
| Onderdeel | Advies voor twee dwergkonijnen | Bron |
|---|---|---|
| Losloopruimte (altijd nodig) | 280 x 200 cm, 5,6 m², minimaal 0,75 m hoog; hok en etages tellen niet mee | LICG, tabel 1 |
| Alleen losloopruimte binnen, zonder hok | Zo'n 6 m², omdat toiletbakken en schuilhokjes ook ruimte innemen | LICG |
| Basisverblijf binnen, als de losloopruimte niet altijd open is | 205 x 80 x 60 cm (1,6 m²), plus liefst 5 à 6 uur per dag losloopruimte rond ochtend- en avondschemering | LICG, tabel 2 |
| Buiten: nachthok (altijd nodig) | 110 x 70 x 60 cm, vorstvrij, water- en winddicht | LICG, tabel 3 |
| Buiten: uitloop aan het nachthok | 145 x 60 cm (samen met nachthok 1,6 m²), plus losloopruimte uit tabel 1 | LICG, tabel 3 |
| Ren voor twee gemiddelde konijnen | Minimaal 2 m², ideaal 4 à 5 m² | Dierenbescherming |
| Hok voor één dwergkonijn | Minimaal 50 x 60 cm | KLN (fokkersbond) |
De 50 bij 60 centimeter van KLN is een minimum voor een hok; LICG en Dierenbescherming adviseren voor twee dwergkonijnen een veelvoud. Het beste is volgens het LICG een verblijf met altijd toegang tot de losloopruimte, die voor dwergen is berekend op zeven bij vijf hoppen.
Binnen of buiten?
Beide kan. Konijnen kunnen slecht tegen temperatuurschommelingen: haal een buitenkonijn in de winter niet steeds naar binnen, en laat een binnenkonijn niet naar buiten bij lage temperaturen. Konijnen die buiten gaan wonen, verhuizen het best al in de zomer, zodat ze een wintervacht ontwikkelen. In de zomer is het omgekeerd: konijnen kunnen slecht tegen hitte, en bij een hittegolf kan het beter zijn ze tijdelijk binnen te halen als het daar koeler is dan buiten in de schaduw. Concrete tips staan in onze hittegolfgids voor konijnen en knaagdieren.
Inrichting in het kort
- Minstens één schuilplek per konijn, en één waar ze samen onder passen; liefst met twee openingen.
- Een toiletbak per konijn, gevuld met bijvoorbeeld houten korrels of hennepvezel en afgedekt met hooi of stro. Nooit klontvormende kattenbakvulling.
- Een graafbak: binnen met hooi, buiten met onbemeste tuinaarde.
- Knaagmateriaal zoals takken van wilg of hazelaar, en een hooiruif.
- Een niet-gladde ondergrond binnen, en buiten deels zachte grond in plaats van alleen tegels.
Altijd met z'n tweeën: welke combinatie werkt?
Konijnen zijn groepsdieren. Het LICG schrijft dat konijnen met een soortgenoot minder vaak stereotiep gedrag vertonen, het minder snel koud hebben en sneller herstellen van stress. De Dierenbescherming zegt het korter: een konijn alleen „voelt zich gewoonweg onveilig en vereenzaamt”.
Beste keuze
Een gecastreerde ram met een voedster, liefst ook gecastreerd. Volgens het LICG meestal de beste combinatie.
Kan, met voorwaarden
Twee jong gecastreerde voedsters die samen opgroeien. Bij volwassen voedsters alleen langzaam, op neutraal terrein en met genoeg schuilplekken.
Afraden
Twee ongecastreerde rammen: die gaan bijna altijd vechten als ze ouder worden. En geen konijn met een cavia: ze begrijpen elkaar niet en konijnen kunnen Bordetella overdragen.
Koop je twee jonge konijnen van verschillend geslacht, let dan goed op de timing. Rammen kunnen vanaf ongeveer drie tot vier maanden vruchtbaar zijn en worden rond die leeftijd gecastreerd; voedsters vanaf ongeveer vijf maanden. Het LICG raadt aan om kleinere rassen rond drie maanden met gaas te scheiden, de ram te laten castreren en ze daarna stapsgewijs weer samen te zetten. Na de castratie kan een ram nog twee tot vier weken vruchtbaar zijn. Wat de ingreep kost en wat er in de prijs zit, lees je in onze gids konijn castreren: kosten.
Voeding: hooi eerst, brokjes met mate
Een konijn heeft heel veel vezels nodig. Hooi en gras zijn het hoofdvoer en volgens het LICG belangrijk voor de juiste slijtage van de kiezen; bij dwergen met hun gevoelige gebit telt dat extra.
| Wat | Hoeveel | Voorbeeld voor een dwerg van 1,2 kg |
|---|---|---|
| Hooi en/of gras | Onbeperkt, elke dag vers | Altijd een volle ruif |
| Biks (brokjes, geen gemengd voer) | Hooguit 20 gram per kilo lichaamsgewicht per dag | Maximaal 24 gram per dag |
| Groente | Dagelijks een paar soorten, nieuwe soorten heel langzaam opbouwen | Bijvoorbeeld witlof, andijvie, wortelloof, radijsblad |
| Fruit en wortel | Hooguit af en toe een heel klein stukje | Een dun schijfje wortel als traktatie |
| Water | Onbeperkt, minstens eens per dag verversen | Liefst een zware, stenen bak |
Waarom geen gemengd voer? Konijnen eten daar de lekkerste stukjes uit en krijgen tekorten. Bovendien is volgens het LICG uit onderzoek gebleken dat gemengd konijnenvoer kan leiden tot gebitsproblemen. Kies biks met veel vezels en een goede calcium-fosforverhouding. Het LICG noemt als richtlijn 0,6 tot 1 procent calcium, 0,3 tot 0,4 procent fosfor en 600 tot 800 IE vitamine D per kilo.
Weeg je dwergkonijnen regelmatig: een paar honderd gram erbij is bij een dier van een kilo relatief veel. Met de Maat-o-meter van het LICG beoordeel je of het gewicht goed is.
Dwergkonijnen verzorgen: per dag, week en jaar
Konijnen vragen elke dag tijd, ook als ze buiten wonen. Deze routine volgt de adviezen van het LICG en de Dierenbescherming:
- Elke dag: hooi bijvullen, water verversen, groente en afgewogen biks geven, toiletbakken verschonen en kijken of beide konijnen eten, poepen en zich normaal gedragen. Keutels horen groot, droog en vezelig te zijn.
- Elke week: het hele verblijf schoonmaken („Als het gaat stinken, bent u te laat!”), de toiletbak extra goed schoonmaken met azijn tegen aanslag. Weeg de konijnen regelmatig, bijvoorbeeld bij die schoonmaakbeurt.
- Vacht: kortharige dwergen vooral in de rui borstelen; langharige dwergen ook buiten de rui minstens één keer per week helemaal; teddydwergen minstens om de dag voorzichtig kammen.
- Nagels: regelmatig controleren. De Dierenbescherming noemt knippen eens in de twee à drie maanden voor konijnen die vooral binnen of in het hok lopen.
- Elk jaar: vaccineren tegen myxomatose en beide varianten van RHD. Het combinatievaccin werkt een jaar. Alle details staan in ons vaccinatieschema voor konijnen. Laat de dierenarts bij die afspraak meteen tanden en kiezen nakijken.

Hoe oud wordt een dwergkonijn?
Volgens het LICG kan een konijn als huisdier „zo'n acht tot tien jaar oud worden, maar ouder is ook mogelijk”. Erg grote rassen worden gemiddeld vijf à zes jaar, dwergrassen vaak ouder. Een dwergkonijn is dus een verbintenis voor ongeveer tien jaar.
In de praktijk halen veel konijnen dat niet: in het LICG-onderzoek uit 2018 rapporteerden ruim 3.500 eigenaren gemiddeld 6,7 jaar. Het LICG noemt als oorzaken van vroege sterfte vooral verkeerde voeding, niet laten inenten, verkeerde huisvesting en stress. Voor voedsters komt daar baarmoederkanker bij: het risico neemt boven de drie jaar flink toe, en castratie rond zes maanden voorkomt het.
Wat kost een dwergkonijn?
De aanschaf is het goedkoopste deel. Het LICG noemt in twee documenten iets verschillende bedragen; beide staan in de tabel.
| Kostenpost | Bedrag volgens het LICG | Toelichting |
|---|---|---|
| Aanschaf per konijn | Vanaf ongeveer € 20; gemiddeld € 25 tot € 80 | Raskonijnen zijn vaak duurder |
| Binnenverblijf voor twee dwergkonijnen | Minimaal € 400 | Losloopruimte met renhekken, vinyl en inrichting (bijsluiter 2026); buitenhok met ren is duurder |
| Voer | Ruim € 50 per maand voor twee kleine konijnen | Biks kost zo'n € 4 tot € 10 per kilo, hooi tot enkele euro's per kilo |
| Bodembedekking | Ruim € 15 per maand voor twee konijnen | Hout- of strokorrels, hennepvezel, stro |
| Vaccinatie | Zo'n € 130 per jaar voor twee konijnen | Myxomatose en RHD1/RHD2 |
| Castratie | Ram ongeveer € 115 (prijsniveau 2025), voedster ongeveer het dubbele of vanaf € 200 | Afhankelijk van formaat en methode |
Reken daarnaast op onverwachte dierenartskosten, bijvoorbeeld voor het gebit, en op hogere tarieven 's avonds en in het weekend. In het LICG-onderzoek uit 2018 voelde slechts 15 procent van de eigenaren zich vooraf voldoende geïnformeerd over de kosten van verzorging en dierenarts. Vergelijk je met een kleiner huisdier, kijk dan ook naar onze kostenberekening voor een hamster.
Kopen of adopteren: waar let je op?
Konijnen zijn te koop bij dierenspeciaalzaken, fokkers en particulieren, en te adopteren bij asielen en konijnenopvang. Het LICG wijst op een paar verschillen:
Opvang
Konijnen van alle leeftijden, vaak al gecastreerd en soms als gekoppeld stel. Je ziet het eindformaat en het karakter. Zoeken kan via de Dierenbescherming, Stichting Dierenasiels & Internet of Stichting Konijnenbelangen.
Rasfokker
Fokkers van een bepaald ras vind je via de rasvereniging, die je via Kleindier Liefhebbers Nederland vindt. Raskonijnen hebben meestal een tatoeage in het oor; officiële stamboompapieren bestaan niet.
Dierenspeciaalzaak
Een bedrijfsmatige verkoper moet je wettelijk schriftelijke verzorgingsinformatie meegeven. Bij een winkel die is aangesloten bij Dibevo heb je een klachtenregeling.
Wettelijk mogen jonge konijnen vanaf zes weken naar een nieuwe eigenaar. Veel rasfokkers verkopen ze volgens het LICG niet voor acht of negen weken, en dat is beter: jonge konijnen hebben een kwetsbare spijsvertering en zijn gevoelig voor stress.
Checklist bij het uitkiezen
- Ogen, oren, neus en anus schoon; geen niezen of moeilijk ademen.
- Tanden recht, met de bovenste snijtanden over de onderste. Til voorzichtig de lippen op om te kijken.
- Vacht glad en glanzend (in de rui kan hij plukkerig zijn), nagels niet te lang.
- Niet te dik of te dun; het konijn loopt soepel.
- Keutels droog en vezelig, niet klein en keihard en niet zacht en plakkerig.
- Schoon, ruim hok met vers hooi en water.
- Vraag naar leeftijd, ras, gewicht van de ouders, huidige voeding, vaccinaties en castratie.
Past een dwergkonijn bij jou?
Het LICG noemt konijnen „leuke, maar relatief veeleisende huisdieren”, eigenlijk beter geschikt voor volwassenen dan voor kinderen. Dwergkonijnen zijn volgens het LICG in het algemeen „wat feller, schichtiger en minder aaibaar” dan grote rassen. Voor een gezin met jonge kinderen is een wat groter, volwassen konijn uit de opvang vaak de betere keuze. Neem een dwergkonijn als jij er zelf tien jaar zin in hebt en ruimte hebt voor twee.
Veelgestelde vragen
Hoe groot wordt een dwergkonijn?
Het LICG rekent konijnen tot 1,7 kilo tot de dwergkonijnen. Kleurdwerg en Pool wegen volgens de KLN-speciaalclub NPKC 800 tot 1.350 gram, met oren van 4 tot 6 centimeter. De Polish (Haasdwerg) weegt 800 tot 1.150 gram.
Wat is het verschil tussen een kleurdwerg en een hermelijn?
Hermelin is de Duitse naam van het witte dwergje dat in de Nederlandse standaard Pool heet, met rode (roodoog) of lichtblauwe ogen (blauwoog). De kleurdwerg heeft dezelfde bouw en hetzelfde gewicht, maar komt in veel kleuren en tekeningen voor.
Is een hangoordwerg ook een dwergkonijn?
Ja. Het LICG noemt de Nederlandse hangoordwerg als voorbeeld van een dwergkonijn (tot 1,7 kilo). Konijnen met hangoren zijn wel gevoeliger voor oorproblemen en hebben in onderzoek vaker gebitsproblemen.
Mag je een dwergkonijn alleen houden?
Liever niet. LICG en Dierenbescherming adviseren minstens twee konijnen samen. Een gecastreerde ram met een voedster is meestal de beste combinatie. Zet nooit twee vreemde volwassen konijnen zomaar bij elkaar.
Hoeveel ruimte heeft een dwergkonijn nodig?
Het LICG adviseert voor twee dwergkonijnen een losloopruimte van 280 bij 200 centimeter (5,6 m²) en 75 centimeter hoog. Is die ruimte niet altijd open, dan daarnaast een basisverblijf van 205 x 80 x 60 cm. De Dierenbescherming noemt minimaal 2 m² voor twee gemiddelde konijnen.
Hoe oud wordt een dwergkonijn?
Volgens het LICG worden konijnen als huisdier zo'n acht tot tien jaar, soms ouder. Heel grote rassen worden minder oud dan dwergrassen. Eigenaren rapporteerden in een LICG-onderzoek uit 2018 gemiddeld 6,7 jaar.
Wat eet een dwergkonijn?
Onbeperkt hooi of gras als hoofdvoer, dagelijks een paar soorten geschikte groente en hooguit 20 gram biks per kilo lichaamsgewicht per dag. Voor een dwergkonijn van 1 kilo is dat dus maximaal 20 gram. Geen gemengd voer en geen knaagsteen.
Zijn dwergkonijnen geschikt voor kinderen?
Minder dan je zou denken. Volgens het LICG zijn dwergkonijnen meestal feller, schichtiger en minder aaibaar dan grotere rassen, en de meeste konijnen worden niet graag opgetild. Een volwassene moet de zorg dragen.
Waarom hebben dwergkonijnen vaak tandproblemen?
Bij dwergkonijnen is gefokt op een ronde kop. Daardoor komt vaker een kaakstand voor waarbij de ondertanden voor de boventanden staan, de zogenaamde olifantstanden. De tanden slijten dan niet af en moeten regelmatig door de dierenarts worden bijgeslepen.
Kan een dwergkonijn buiten wonen?
Ja, met een soortgenoot, een vorstvrij en water- en winddicht nachthok en een grote ren. Laat konijnen vanaf de zomer buiten wonen zodat ze een wintervacht krijgen, en zorg voor schaduw: konijnen kunnen slecht tegen hitte.
Bronnen, geraadpleegd op 28 oktober 2026
- LICG, Huisdierenbijsluiter Konijn (webpagina en pdf, versie september 2026): gewichtsklassen, levensverwachting, maattabellen 1 tot 3, gezelschap, voeding, verzorging, ziekten, aanschaf en kosten.
- LICG, nieuwsbericht „Verantwoord konijnen houden met de vernieuwde Huisdierenbijsluiter Konijn” (25 september 2026).
- LICG, „De aanschaf van konijnen”: rassen, karakter, erfelijke tandproblemen, leeftijd bij aanschaf, kosten en adressen.
- LICG, „Overzicht erfelijke aandoeningen bij konijnen en knaagdieren”: olifantstanden, dwergfactor, geboorteproblemen, epilepsie, splay leg.
- LICG, „Gebitsproblemen bij konijnen – samenvatting” (versie oktober 2025).
- LICG, executive summary onderzoek naar gezondheid en welzijn van gezelschapskonijnen in Nederland (31 oktober 2018).
- Kleindier Liefhebbers Nederland, pagina Konijnen (dwergrassen, hokmaat) en inhoudsopgave van de digitale Standaard voor Konijnen (rassen 45b tot en met 52).
- Nationale Polen- en Kleurdwergenclub (NPKC), rasbeschrijvingen Kleurdwerg, Polish, Pool Roodoog en Pool Blauwoog.
- Dierenbescherming, „Goed zorgen voor konijnen” en Het Knaaghof, „Geschikte konijnenverblijven”.
- Johnson, J.C. en Burn, C.C. (2019), „Lop-eared rabbits have more aural and dental problems than erect-eared rabbits: a rescue population study”, Veterinary Record (preprint via bioRxiv).



